articleIcon-icon

Artikel

5 min read

Schijnzelfstandigheid: wat de Belastingdienst controleert

Contractorbeheer

Image

Auteur

Deel Team

Laatste update

24 augustus, 2026

blog hero illustration workforce planning budget reporting
Table of Contents

Wat is schijnzelfstandigheid en waarom handhaaft de Belastingdienst strenger?

Hoe beoordeelt de Belastingdienst een arbeidsrelatie?

Wat kost een naheffing schijnzelfstandigheid?

Hoe beoordeelt de Belastingdienst een arbeidsrelatie?

Wat kost een naheffing schijnzelfstandigheid?

Drie situaties waarin schijnzelfstandigheid vaak opduikt

Risicobeheersing voor HR en Finance: een praktische aanpak

Van risico naar grip: waar je nu begint

Belangrijkste punten

  1. Sinds het handhavingsmoratorium op 1 januari 2025 is opgeheven, controleert de Belastingdienst weer actief op schijnzelfstandigheid. Naheffingen gelden alleen voor werk vanaf die datum; pas vanaf 2030 kijkt de Belastingdienst weer vijf jaar terug.
  2. Een naheffing is niet één bedrag. Loonbelasting, premies, belastingrente, boetes en pensioenclaims stapelen op tot een forse rekening voor de opdrachtgever.
  3. Vier criteria bepalen de uitkomst: gezagsverhouding, persoonlijke arbeid, loon en ondernemerschap. Wat er in het contract staat, weegt minder zwaar dan hoe je in de praktijk samenwerkt.

De Nederlandse overheid pakt schijnzelfstandigheid actief aan. Jarenlang handhaafde de Belastingdienst terughoudend. Sinds 1 januari 2025 is dat voorbij: het handhavingsmoratorium is opgeheven en de Belastingdienst controleert weer op arbeidsrelaties die op papier een zzp-overeenkomst zijn, maar in de praktijk als dienstverband werken. Werk je met contractors in Nederland, dan staat dit risico nu weer bovenaan de compliance-agenda van HR en Finance.

Voor veel organisaties is dat een lastige afweging. Zzp'ers bieden flexibiliteit, specialistische kennis en de mogelijkheid om snel op te schalen. Tegelijk is de grens tussen een echte freelance-samenwerking en een verkapt dienstverband snel overschreden.

De gevolgen van een verkeerde inschatting zijn niet zomaar een correctie achteraf. Bij een herkwalificatie kan de Belastingdienst met terugwerkende kracht loonbelasting, premies volksverzekeringen, belastingrente en boetes opleggen. Dat raakt je budget direct, en soms volgt er ook nog een claim van de werkende zelf. In dit artikel lees je waar de Belastingdienst op controleert, wat een naheffing schijnzelfstandigheid kost en welke stappen je nu kunt zetten.

Wat is schijnzelfstandigheid en waarom handhaaft de Belastingdienst strenger?

Schijnzelfstandigheid betekent dat iemand op papier als zzp'er is ingehuurd, terwijl de arbeidsrelatie in de praktijk alle kenmerken van een arbeidsovereenkomst heeft. Het contract is dus niet beslissend. Wat telt, is hoe jullie samenwerken. De Hoge Raad bevestigde dat in 2023 in de Deliveroo-uitspraak: de feitelijke uitvoering weegt zwaarder dan de tekst van de overeenkomst, ook als beide partijen oprecht een zzp-relatie wilden aangaan.

De regels rond zelfstandige arbeid zijn de afgelopen jaren vaak gewijzigd. Het oude VAR-systeem (Verklaring Arbeidsrelatie) maakte in 2016 plaats voor de Wet DBA (Wet deregulering beoordeling arbeidsrelaties). Opdrachtgevers en zzp'ers konden daarmee via modelovereenkomsten meer zekerheid krijgen. In de praktijk bleef handhaving jarenlang beperkt tot de ernstigste gevallen. Daardoor ontstond bij veel organisaties het beeld dat schijnzelfstandigheid geen acuut risico was.

Sinds 1 januari 2025 is dat beeld achterhaald. Het handhavingsmoratorium is opgeheven en de Belastingdienst legt weer naheffingen loonbelasting en premies op, maar alleen over werk vanaf die datum. Voor 2025 en 2026 geldt een overgangsperiode, de zogenoemde zachte landing. In 2025 legde de Belastingdienst geen verzuim- en geen vergrijpboetes op. Sinds 1 januari 2026 zijn vergrijpboetes wel mogelijk bij opzet of grove schuld; verzuimboetes volgen pas vanaf 1 januari 2027. De nageheven belasting zelf is in alle gevallen verschuldigd.

Ook de wetgeving beweegt nog. Uit het wetsvoorstel Wet VBAR (Wet verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden) is het verduidelijkingsdeel geschrapt. Wat overblijft, is het rechtsvermoeden van werknemerschap bij een uurtarief onder circa 38 euro: de werkende kan dan stellen dat er sprake is van een dienstverband, waarna de opdrachtgever het tegendeel moet aantonen. Dat onderdeel is inmiddels door beide Kamers aangenomen. De aangekondigde Zelfstandigenwet, die het bredere toetsingskader moet regelen, is nog niet bij de Tweede Kamer ingediend; invoering wordt voorlopig rond 2028 verwacht. Tot die tijd geldt het huidige recht.

Onduidelijkheid over de status van een werkende raakt zelden één afdeling. Loonheffingen, premies werknemersverzekeringen, pensioenverplichtingen en ontslagbescherming kunnen allemaal in het spel zijn. Het risico ligt dus bij HR en Finance samen, en dat pleit voor een gezamenlijke aanpak in plaats van losse controles.

Deel Contractor gaf ons gemoedsrust bij het inhuren van zzp'ers, waar ook ter wereld. Ik hoef me geen zorgen meer te maken over compliance en wetgeving. Het voelt stukken veiliger.

Chloe Riesenberg,

People Specialist bij Project44 (Software / Logistiek)

nl complete gids voor wereldwijd freelancers inhuren inline

Gids

De complete gids voor wereldwijd freelancers inhuren
Ontdek hoe je internationale freelancers compliant kunt inhuren, beheren en betalen. Leer meer over schijnzelfstandigheid, contractor management, onboarding, betalingen en internationale compliance.

Hoe beoordeelt de Belastingdienst een arbeidsrelatie?

Bij een controle toetst de Belastingdienst de arbeidsrelatie aan een vaste set criteria, los van wat er contractueel is vastgelegd. Vier elementen staan centraal.

  • Gezagsverhouding: geeft je organisatie directe instructies over hoe, wanneer en waar het werk wordt gedaan? Zit de zzp'er in reguliere teamstructuren, workflows of functioneringsgesprekken? Hoe meer je stuurt zoals bij een werknemer, hoe groter het risico.
  • Persoonlijke arbeid: moet de zzp'er het werk zelf doen, of mag diegene zonder jouw toestemming een gekwalificeerde vervanger inzetten? Een plicht tot persoonlijke uitvoering wijst op een dienstverband; een reële vervangingsmogelijkheid wijst op zelfstandigheid.
  • Loon: lijkt de vergoeding op een salaris, bijvoorbeeld een vast maandbedrag, doorbetaling bij ziekte of vergoede vrije dagen? Dat soort afspraken doet een arbeidsovereenkomst vermoeden, ook zonder loonstrook.
  • Ondernemerschap en financieel risico: heeft de zzp'er meerdere opdrachtgevers en investeert diegene in eigen apparatuur en verzekeringen? Draagt diegene risico voor fouten, herstelwerk of niet-declarabele uren? Ontbreekt dat risico, dan weegt dat zwaar mee.

Geen enkel criterium is op zichzelf beslissend. De Belastingdienst weegt alle feiten en omstandigheden samen. Dat maakt schijnzelfstandigheid herkennen als werkgever lastig, want de risicofactoren stapelen zich meestal langzaam op. Iemand die jaren terug voor één project kwam, draait nu misschien nog structureel mee: vast maandtarief, vaste werkplek, vaste rol in het werkoverleg. En niemand heeft de oorspronkelijke overeenkomst ooit herzien.

In de praktijk is de gezagsverhouding bij een zzp'er het criterium waar organisaties het vaakst op struikelen. Een modelovereenkomst zzp helpt daarbij, maar biedt geen garantie: de Belastingdienst toetst of jullie er ook naar werken. Werkt de zzp'er volgens jouw planning, rapporteert diegene aan een teamleider en gelden dezelfde interne regels als voor werknemers, dan wijst dat op schijnzelfstandigheid, hoe zorgvuldig het contract ook is opgesteld.

Wat kost een naheffing schijnzelfstandigheid?

Herkwalificeert de Belastingdienst een arbeidsrelatie, dan volgt een naheffingsaanslag die uit meerdere onderdelen bestaat. Die stapeling maakt een naheffing schijnzelfstandigheid duur.

  • Loonheffingen en premies: de Belastingdienst vordert niet-ingehouden loonbelasting en premies volksverzekeringen na. Bij schijnzelfstandigheid kan dat alleen over werk vanaf 1 januari 2025. Via een ingroeimodel breidt die termijn zich uit; pas vanaf 2030 geldt weer de volledige vijf jaar. Verhalen op de werkende lukt meestal niet, dus de rekening blijft bij jou liggen.
  • Belastingrente: over het openstaande bedrag rekent de Belastingdienst rente. Voor loonbelasting is dat in 2026 5 procent, tegen 6,5 procent in 2025. Over meerdere jaren en een substantieel bedrag telt dat flink aan.
  • Boetes: in 2025 legde de Belastingdienst geen boetes op. Sinds 1 januari 2026 kan er wel een vergrijpboete volgen bij opzet of grove schuld, en vanaf 1 januari 2027 ook weer een verzuimboete. Een vergrijpboete kan oplopen tot een aanzienlijk percentage van de nageheven belasting.
  • Pensioen en secundaire claims: valt de functie onder een verplicht bedrijfstakpensioenfonds, dan kan dat fonds premies met terugwerkende kracht claimen. Ook de werkende zelf kan aanspraak maken op vakantiegeld, doorbetaling bij ziekte of ontslagbescherming. Dat loopt via het civiele recht, naast de fiscale claim.

Een voorbeeld maakt de optelsom concreet. Stel: je zet sinds januari 2025 een zzp'er fulltime in tegen een all-in tarief van 90 euro per uur, en de Belastingdienst herkwalificeert die relatie in 2026. Over de gemiste loonheffingen en premies vanaf 1 januari 2025 komt belastingrente, mogelijk een vergrijpboete en eventueel pensioenpremie. Voor één werkende loopt dat al snel in de tienduizenden euro's. Werk je met tientallen contractors in vergelijkbare constructies, dan telt dat risico stevig op. En de termijn wordt de komende jaren alleen langer.

Kijk je breder naar je personeelskosten, dan is het goed om te weten dat schijnzelfstandigheid ook daar een rol speelt: in ons overzicht van hoe je de loonkosten in Nederland verlaagt staat expliciet dat werkenden bewust verkeerd classificeren om op loonheffingen te besparen tot zware sancties leidt.

We hebben het volste vertrouwen in onze compliance omdat Deel de juridische kant grondig afhandelt. Dat geeft ons de absolute zekerheid die we nodig hebben.

Kunal Patel,

Global Talent Partner bij Hyqoo (Software / IT Services)

Deel Contractor
Onboard, beheer en betaal internationale freelancers volgens de regels
Talent werven in het buitenland? Kies voor de marktleider op het gebied van freelancermanagement. Deel automatiseert de HR-administratie, vermijdt risico's door misclassificatie en regelt tijdige betalingen in meer dan 150 landen. En dat alles met ongeëvenaarde compliance en flexibiliteit.

Hoe beoordeelt de Belastingdienst een arbeidsrelatie?

Bij een controle toetst de Belastingdienst de arbeidsrelatie aan een vaste set criteria, los van wat er contractueel is vastgelegd. Vier elementen staan centraal.

  • Gezagsverhouding: geeft je organisatie directe instructies over hoe, wanneer en waar het werk wordt gedaan? Zit de zzp'er in reguliere teamstructuren, workflows of functioneringsgesprekken? Hoe meer je stuurt zoals bij een werknemer, hoe groter het risico.
  • Persoonlijke arbeid: moet de zzp'er het werk zelf doen, of mag diegene zonder jouw toestemming een gekwalificeerde vervanger inzetten? Een plicht tot persoonlijke uitvoering wijst op een dienstverband; een reële vervangingsmogelijkheid wijst op zelfstandigheid.
  • Loon: lijkt de vergoeding op een salaris, bijvoorbeeld een vast maandbedrag, doorbetaling bij ziekte of vergoede vrije dagen? Dat soort afspraken doet een arbeidsovereenkomst vermoeden, ook zonder loonstrook.
  • Ondernemerschap en financieel risico: heeft de zzp'er meerdere opdrachtgevers en investeert diegene in eigen apparatuur en verzekeringen? Draagt diegene risico voor fouten, herstelwerk of niet-declarabele uren? Ontbreekt dat risico, dan weegt dat zwaar mee.

Geen enkel criterium is op zichzelf beslissend. De Belastingdienst weegt alle feiten en omstandigheden samen. Dat maakt schijnzelfstandigheid herkennen als werkgever lastig, want de risicofactoren stapelen zich meestal langzaam op. Iemand die jaren terug voor één project kwam, draait nu misschien nog structureel mee: vast maandtarief, vaste werkplek, vaste rol in het werkoverleg. En niemand heeft de oorspronkelijke overeenkomst ooit herzien.

In de praktijk is de gezagsverhouding bij een zzp'er het criterium waar organisaties het vaakst op struikelen. Een modelovereenkomst zzp helpt daarbij, maar biedt geen garantie: de Belastingdienst toetst of jullie er ook naar werken. Werkt de zzp'er volgens jouw planning, rapporteert diegene aan een teamleider en gelden dezelfde interne regels als voor werknemers, dan wijst dat op schijnzelfstandigheid, hoe zorgvuldig het contract ook is opgesteld.

Wat kost een naheffing schijnzelfstandigheid?

Herkwalificeert de Belastingdienst een arbeidsrelatie, dan volgt een naheffingsaanslag die uit meerdere onderdelen bestaat. Die stapeling maakt een naheffing schijnzelfstandigheid duur.

  • Loonheffingen en premies: de Belastingdienst vordert niet-ingehouden loonbelasting en premies volksverzekeringen na. Bij schijnzelfstandigheid kan dat alleen over werk vanaf 1 januari 2025. Via een ingroeimodel breidt die termijn zich uit; pas vanaf 2030 geldt weer de volledige vijf jaar. Verhalen op de werkende lukt meestal niet, dus de rekening blijft bij jou liggen.
  • Belastingrente: over het openstaande bedrag rekent de Belastingdienst rente. Voor loonbelasting is dat in 2026 5 procent, tegen 6,5 procent in 2025. Over meerdere jaren en een substantieel bedrag telt dat flink aan.
  • Boetes: in 2025 legde de Belastingdienst geen boetes op. Sinds 1 januari 2026 kan er wel een vergrijpboete volgen bij opzet of grove schuld, en vanaf 1 januari 2027 ook weer een verzuimboete. Een vergrijpboete kan oplopen tot een aanzienlijk percentage van de nageheven belasting.
  • Pensioen en secundaire claims: valt de functie onder een verplicht bedrijfstakpensioenfonds, dan kan dat fonds premies met terugwerkende kracht claimen. Ook de werkende zelf kan aanspraak maken op vakantiegeld, doorbetaling bij ziekte of ontslagbescherming. Dat loopt via het civiele recht, naast de fiscale claim.

Een voorbeeld maakt de optelsom concreet. Stel: je zet sinds januari 2025 een zzp'er fulltime in tegen een all-in tarief van 90 euro per uur, en de Belastingdienst herkwalificeert die relatie in 2026. Over de gemiste loonheffingen en premies vanaf 1 januari 2025 komt belastingrente, mogelijk een vergrijpboete en eventueel pensioenpremie. Voor één werkende loopt dat al snel in de tienduizenden euro's. Werk je met tientallen contractors in vergelijkbare constructies, dan telt dat risico stevig op. En de termijn wordt de komende jaren alleen langer.

Kijk je breder naar je personeelskosten, dan is het goed om te weten dat schijnzelfstandigheid ook daar een rol speelt: in ons overzicht van hoe je de loonkosten in Nederland verlaagt staat expliciet dat werkenden bewust verkeerd classificeren om op loonheffingen te besparen tot zware sancties leidt.

We hebben het volste vertrouwen in onze compliance omdat Deel de juridische kant grondig afhandelt. Dat geeft ons de absolute zekerheid die we nodig hebben.

Kunal Patel,

Global Talent Partner bij Hyqoo (Software / IT Services)

Drie situaties waarin schijnzelfstandigheid vaak opduikt

Het risico zit zelden in een bewuste constructie. Het ontstaat in samenwerkingen die ooit logisch waren en daarna zijn blijven doorlopen. Drie situaties komen bij controles steeds terug, en ze zijn allemaal te herkennen zonder juridische analyse.

  1. De eerste is de zzp'er op een kernfunctie. Iemand vult al twee jaar een rol die in je organogram gewoon een functie is, werkt volgens jouw processen en is voor collega's niet te onderscheiden van een werknemer. Bij dit profiel wegen de gezagsverhouding en het ontbrekende ondernemersrisico direct zwaar mee, ook als het uurtarief hoog is. Een hoog tarief zegt namelijk niets over de vraag of er sprake is van een dienstverband.
  2. De tweede is de oud-medewerker die als zzp'er terugkomt. Dezelfde taken, dezelfde leidinggevende, dezelfde plek in het overleg, alleen een andere factuur. Voor de Belastingdienst is dat een van de duidelijkste signalen van schijnzelfstandigheid, omdat de feitelijke situatie aantoonbaar niet is veranderd. Wil je dit soort terugkeer toch inzetten, dan moet de opdracht echt anders zijn: een afgebakend resultaat, eigen werkwijze en een reëel risico bij niet-oplevering.
  3. De derde is de gemengde pool: zzp'ers en werknemers die naast elkaar hetzelfde werk doen. Dat maakt vergelijken makkelijk, en juist die vergelijking gebruikt de Belastingdienst. Verschilt alleen de contractvorm en niet de manier van werken, dan is het risico op een naheffing schijnzelfstandigheid over de hele groep reëel in plaats van incidenteel.

Risicobeheersing voor HR en Finance: een praktische aanpak

Schijnzelfstandigheid voorkomen vraagt een vaste werkwijze, geen losse controles. Met deze vier stappen ben je voorbereid op een controle en verlaag je het risico structureel.

  • Toets de contracten: leg bestaande zzp-overeenkomsten naast de modelovereenkomsten van de Belastingdienst en kijk of de bepalingen nog kloppen met de praktijk. Contracten van jaren terug beschrijven vaak niet meer hoe er nu wordt samengewerkt.
  • Laat de praktijk aansluiten op het contract: zorg dat de dagelijkse gang van zaken overeenkomt met wat er op papier staat. Vermijd een manager-medewerkerdynamiek, verplichte personeelsuitjes of verplicht gebruik van interne apparatuur zonder zakelijke reden. Kleine gewoontes wegen bij een controle zwaarder dan je denkt.
  • Standaardiseer de onboarding: controleer bij elke start de KVK-inschrijving, een beroepsaansprakelijkheidsverzekering en het bestaan van meerdere opdrachtgevers. Herhaal die toets periodiek, niet alleen bij aanvang.
  • Herpositioneer waar nodig: breng samenwerkingen met een hoog risico in kaart en zet langdurige of kernfuncties tijdig om naar een passende vorm, zoals een dienstverband of inhuur via een Employer of Record. Wachten op een controle is de duurste optie.

Werk je met zzp'ers in meerdere landen, dan helpt een vergelijking van de regels rond freelancer versus werknemer per land om te zien hoe het classificatierisico per rechtsgebied uitpakt. De Europese regels rond platformwerk laten zien dat dit vraagstuk niet stopt bij de Nederlandse grens. Let daarnaast op secundaire arbeidsvoorwaarden: betaald verlof of doorbetaling bij ziekte voor een zzp'er wordt bij een controle snel gezien als aanwijzing voor een verkapt dienstverband.

Schijnzelfstandigheid voorkomen is uiteindelijk een kwestie van vastleggen en volhouden. Leg per samenwerking vast waarom deze zzp'er als zelfstandige werkt, bewaar de onderbouwing en toets die minstens één keer per jaar opnieuw. Zo'n dossier is precies wat de Belastingdienst bij een bedrijfsbezoek wil zien, en het is het verschil tussen een gesprek met een goede uitkomst en een naheffing schijnzelfstandigheid over je hele contractorbestand.

Deel hielp ons risico's te vermijden en zorgde voor naleving van de lokale wetgeving, zelfs in landen waar we geen juridische entiteiten hadden. Deze gestroomlijnde aanpak bespaart ons jaarlijks $100.000 tot $200.000.

Ajey Hare Prasath,

Director of Global HR bij Pixis (AI / Technologie)

Van risico naar grip: waar je nu begint

Schijnzelfstandigheid is geen abstract compliancevraagstuk meer, maar een concrete post op je begroting. De Belastingdienst handhaaft weer, de boetemogelijkheden nemen jaar op jaar toe en de periode waarover kan worden nageheven wordt langer. Elke maand dat een risicovolle constructie doorloopt, vergroot dus de rekening.

De organisaties die hier goed doorheen komen, doen twee dingen. Ze weten precies welke zzp'ers ze inhuren, voor welk werk en op basis van welk contract. En ze zorgen dat de praktijk klopt met dat contract, niet één keer bij de start maar doorlopend. Dat vraagt minder tijd dan een boekenonderzoek en kost een fractie van een naheffing.

Begin bij je huidige pool: welke samenwerkingen lopen langer dan een jaar, wie vult feitelijk een kernfunctie in en waar ontbreekt aantoonbaar ondernemersrisico? Dat zijn de dossiers die je als eerste wilt oplossen.

Zo pakt Deel dit aan

Ontdek hoe Deel Contractor helpt om de arbeidsrelatie met zzp'ers in Nederland compliant vast te leggen, van classificatiebeoordeling tot doorlopende monitoring.

Wil je zien hoe dat werkt voor jouw contractorbestand? Vraag een demo aan en loop samen met ons team je huidige zzp-inzet door.

Live Demo
Krijg een live rondleiding door het Deel-platform
Laat ons global HR voor je regelen — inclusief hiring, compliance, onboarding, facturatie, betalingen en meer.

FAQs

Een zzp'er werkt zelfstandig, draagt ondernemersrisico en heeft meestal meerdere opdrachtgevers. Een schijnzelfstandige is op papier zzp'er, maar werkt in de praktijk onder gezag van één opdrachtgever, moet het werk zelf doen en krijgt een salarisachtige vergoeding. De arbeidsrelatie voldoet dan feitelijk aan de kenmerken van een arbeidsovereenkomst, wat er ook boven het contract staat.

Bij schijnzelfstandigheid kan de Belastingdienst alleen naheffen over werk vanaf 1 januari 2025, de datum waarop het handhavingsmoratorium is opgeheven. Via een ingroeimodel wordt die periode elk jaar langer; pas vanaf 2030 geldt weer de reguliere termijn van vijf jaar. De boetebeperkingen uit de jaren van de zachte landing blijven daarbij van toepassing.

De zachte landing is de overgangsperiode waarin de Belastingdienst eerst inzet op uitleg en herstel in plaats van op boetes. In 2025 legde de Belastingdienst geen verzuim- en geen vergrijpboetes op. Sinds 1 januari 2026 zijn vergrijpboetes wel mogelijk bij opzet of grove schuld; verzuimboetes kunnen pas vanaf 1 januari 2027 weer worden opgelegd. Bij een vermoeden start de Belastingdienst doorgaans met een bedrijfsbezoek, en voor een naheffing is een boekenonderzoek nodig. De nageheven belasting zelf blijft altijd verschuldigd.

Uit het wetsvoorstel Wet VBAR is het verduidelijkingsdeel geschrapt. Wat overblijft, is het rechtsvermoeden van werknemerschap bij een uurtarief onder circa 38 euro: de werkende kan zich daarop beroepen, waarna de opdrachtgever moet aantonen dat er geen dienstverband is. Dat rechtsvermoeden werkt civielrechtelijk en is door beide Kamers aangenomen. De Zelfstandigenwet, die het bredere toetsingskader moet regelen, is nog niet bij de Tweede Kamer ingediend; invoering wordt voorlopig rond 2028 verwacht.

Toets bestaande zzp-overeenkomsten aan de modelovereenkomsten van de Belastingdienst, zorg dat de dagelijkse praktijk aansluit bij het contract en standaardiseer je onboarding met controles op KVK-inschrijving, verzekering en meerdere opdrachtgevers. Breng daarnaast structureel in kaart welke samenwerkingen een hoog risico hebben, en zet die tijdig om naar een dienstverband of inhuur via een Employer of Record.

Ja. De Belastingdienst kijkt naar de feitelijke arbeidsrelatie, niet naar de route waarlangs iemand is ingehuurd. Werk je via een platform, een bemiddelaar of een broker, dan blijven dezelfde criteria gelden. Ook de Europese regels rond platformwerk zetten in op strengere waarborgen voor deze groep werkenden.